Als nieuwe moeder krijg je vaak (ongevraagd) allerlei adviezen. Dat kan behoorlijk verwarrend zijn, want er bestaan een hoop misvattingen rond borstvoeding. Daarom ontkrachten we hieronder een paar van die borstvoedingsfabeltjes voor je.

Fabel: Als je kleine borsten hebt, kun je niet genoeg melk aanmaken voor je baby.

Onzin: size doesn’t matter. De melkproductie wordt aangestuurd door hormonen en neemt toe naarmate je baby meer drinkt.  Er wordt geen voorraad melk opgeslagen in je borst, maar er wordt juist de hoeveelheid melk geproduceerd die je baby vraagt.  Zolang jouw borsten goed  geleegd worden, blijft je lichaam voldoende melk aanmaken.  Een kwestie van vraag en aanbod dus.

Fabel: Het is normaal dat borstvoeding pijn doet.

Natuurlijk is het even wennen dat er opeens melk door je borsten stroomt en uit je tepels komt. Maar: het hoort het echt geen pijn te doen. Als de borstvoeding moeizaam gaat of pijnlijk is, ligt dat meestal niet aan jouw borsten of aan je melkproductie, maar  drinkt je baby waarschijnlijk niet goed aan de borst. Een lactatiekundige kan je hierbij helpen!

Fabel: Moeders moeten melk drinken om melk aan te maken.

Sorry melk-de-witte-motor-fans, dit is niet waar. De melkproductie is afhankelijk van hoe goed de borst geleegd wordt. Je borsten maken meer of minder melk aan, al naar gelang de wensen van je baby. Je hoeft hier zelf geen melk voor te drinken.. Wel water, dus zorg dat je daar genoeg van drinkt.

Fabel: Je baby moet bij elke voeding uit allebei je borsten drinken.

Je borsten ‘weten’ hoeveel melk ze aan moeten maken. Als er uit één borst te lang niet gedronken wordt, zal die vanzelf vol aanvoelen. Maar maak je geen zorgen of je baby wel bij elke voeding uit beide borsten drinkt. Uit onderzoek blijkt dat 30% van de baby’s per voeding maar uit één borst drinkt, 13% drinkt altijd uit beide en 57% wisselt het af.

Lees ook:   6 manieren om je huilende baby te troosten

Fabel: Vaak borstvoeding geven zorgt ervoor dat je kindje later te dik wordt.

Of iemand te dik wordt, ligt aan een combinatie van factoren. Die kunnen genetisch, omgevingsbepaald en/of psychisch zijn. Een baby die vaak drinkt is volstrekt normaal. Vergeet niet dat baby’s zo voorgeprogrammeerd zijn dat ze eten als ze energie nodig hebben. Dit zogenaamde ‘voeden op verzoek’ verkleint het risico later diabetes type 2 te ontwikkelen.

Fabel: De kwaliteit van de moedermelk neemt na 6 maanden af.

Onzin: de kwaliteit van moedermelk vermindert niet na verloop van tijd. Alleen de samenstelling verandert, omdat moedermelk zich aanpast aan de veranderende behoeften van je baby. Dat we na 6 maanden aanvullende voeding gaan geven is niet omdat moedermelk niet meer belangrijk is, maar simpelweg omdat het niet meer volstaat als énige voedings- en energiebron. Lees hier meer over borstvoeding na 6 maanden.

Fabel: Geef geen borstvoeding als je ziek bent.

Borstvoeding geven is veilig en gezond voor baby’s, zelfs als de moeder zich niet helemaal lekker voelt. Sterker nog, je baby krijgt  dankzij jouw volwassen afweersysteem via de borstvoeding antistoffen binnen. De enige uitzondering is als je medicatie gebruikt waarbij je niet veilig borstvoeding kunt geven, overleg dus altijd met je huisarts en apotheker, zodat zij weten dat je borstvoeding geeft.

Kortom:
Laat je niet gek maken door al die borstvoedingsfabeltjes. Zorg dat je goed op de hoogte bent van alle zin en onzin rond borstvoeding, zodat je weet welk advies je rustig in de wind kunt slaan.